Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
uitspraak van de meervoudige kamer van 1 juli 2015 in de zaak tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 1 juli 2015.
Rechtbank Amsterdam
Eiser, sinds 1970 ingeschreven als cardioloog, werd door het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg het recht ontzegd als cardioloog werkzaam te zijn. Op grond hiervan beëindigde de Registratie Commissie Geneeskundig Specialisten (RGS) zijn inschrijving in het register cardiologie. Eiser stelde zich op het standpunt dat de inschrijving onterecht werd beëindigd en voerde meerdere beroepsgronden aan, waaronder schending van het hoor en wederhoor-beginsel en onzorgvuldigheden bij besluitvorming.
De rechtbank oordeelde dat eiser voldoende gelegenheid had gehad zijn zienswijze naar voren te brengen en dat eventuele gebreken in de besluitvorming met het bestreden besluit waren hersteld. Juridisch werd bevestigd dat een onherroepelijke uitspraak van de tuchtrechter als rechterlijke uitspraak in de zin van de Regeling specialismen en profielen geneeskunst geldt, en dat ontzegging en ontzetting in deze context hetzelfde betekenen.
Eiser voerde aan dat de beëindiging van zijn inschrijving onbillijk was vanwege financiële belangen en het niet mogen voeren van de titel cardioloog, ook niet als 'niet praktiserend'. De rechtbank stelde dat het algemeen belang bij handhaving van kwaliteit en patiëntveiligheid zwaarder weegt dan persoonlijke belangen en dat de doorhaling geen onbillijkheid van overwegende aard oplevert.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en wees zij een proceskostenveroordeling af. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de beëindiging van de inschrijving als cardioloog wordt ongegrond verklaard.