Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Voorvragen
4.Waardering van het bewijs
5.Bewezenverklaring
6.De strafbaarheid van de feiten
7.De strafbaarheid van verdachte
8.Motivering van de straf en maatregelen
[persoon 3]niet een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. Tevens is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor onder 3 bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank waardeert deze op € 10.385,- (tienduizend driehonderdvijfentachtig euro), te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 20 november 2013 tot de dag der algehele voldoening, geheel bestaande uit materiële schade. De vordering kan dan ook tot dat bedrag worden toegewezen. De rest van de vordering wordt afgewezen.
[persoon 3]voornoemd wordt als extra waarborg voor betaling de schadevergoedingsmaatregel (artikel 36f Sr) aan verdachte opgelegd.
[persoon 4]niet een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. Tevens is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor onder 4 bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank waardeert deze op € 157,50 (honderdzevenenvijftig euro en vijftig cent), te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 30 december 2013 tot de dag der algehele voldoening, geheel bestaande uit materiële schade. De vordering kan dan ook tot dat bedrag worden toegewezen. De rest van de vordering wordt afgewezen.
[persoon 4]voornoemd wordt als extra waarborg voor betaling de schadevergoedingsmaatregel (artikel 36f Sr) aan verdachte opgelegd.
[persoon 5]niet een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. Tevens is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor onder 5 bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank waardeert deze op € 1.047,50 (duizendzevenenveertig euro en vijftig cent), te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 1 oktober 2013 tot de dag der algehele voldoening, geheel bestaande uit materiële schade (te weten de gevorderde materiële kosten, alsmede € 7,50 voor het aanvragen van een nieuwe bankpas). De vordering kan dan ook tot dat bedrag worden toegewezen. De rest van de vordering wordt afgewezen.
[persoon 5]voornoemd wordt als extra waarborg voor betaling de schadevergoedingsmaatregel (artikel 36f Sr) aan verdachte opgelegd.
[persoon 2]niet een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. Tevens is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor onder 7 bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank waardeert deze op € 280,- (tweehonderdtachtig euro), te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 9 januari 2015 tot de dag der algehele voldoening, geheel bestaande uit materiële schade. De vordering kan dan ook tot dat bedrag worden toegewezen. De rest van de vordering wordt afgewezen.
[persoon 2]voornoemd wordt als extra waarborg voor betaling de schadevergoedingsmaatregel (artikel 36f Sr) aan verdachte opgelegd.
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Beslissing
36 (zesendertig maanden).
6 (zes) maanden, van deze gevangenisstraf niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij later anders wordt gelast.