Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
3.408,00
Rechtbank Amsterdam
De zaak betreft een geschil tussen ALL IN THE HOUSE B.V. (AITH) en een ontwerper over de auteursrechten op verpakkingsmateriaal in de vorm van Amsterdamse grachtenpanden, ontwikkeld voor Heineken.
AITH stelde dat de auteursrechten op het door gedaagde bewerkte verpakkingsmateriaal bij haar berusten, terwijl gedaagde zichzelf als auteursrechthebbende zag. De rechtbank oordeelde dat op grond van het Beneluxverdrag intellectuele eigendom de auteursrechten bij AITH liggen, omdat de werkzaamheden in opdracht en met het oog op commerciële exploitatie zijn verricht.
Daarnaast werd vastgesteld dat gedaagde klanten van AITH had benaderd over het geschil, wat niet als goed opdrachtnemerschap werd gezien. Daarom werd gedaagde verboden om klanten te benaderen of via media mededelingen te doen over het geschil, en werd bevestigd dat AITH de intellectuele eigendomsrechten wereldwijd mag uitoefenen.
De rechtbank legde een dwangsom op voor overtreding van dit verbod en veroordeelde gedaagde in de proceskosten. De vordering werd verder afgewezen en het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Gedaagde wordt verboden klanten te benaderen over het auteursrechtgeschil en AITH krijgt bevestiging van de auteursrechten op het verpakkingsmateriaal.