Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 12 april 2012, met producties,
- de incidentele conclusie houdende exceptie van onbevoegdheid tevens houdende incidentele vordering tot oproeping in vrijwaring, met producties,
- de conclusie van antwoord in het bevoegdheids- en vrijwaringsincident, met een productie,
- de conclusie van repliek in het bevoegdheids- en vrijwaringsincident, met producties,
- de conclusie van dupliek in het bevoegdheids- en vrijwaringsincident,
- het verkort proces-verbaal van het pleidooi van 28 mei 2014, met de daarin genoemde stukken,
- de brief van mr. W.E. van Spanje, advocaat van [naam 2], naar aanleiding van het proces-verbaal.