ECLI:NL:RBAMS:2013:CA1752
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplichtigheid aan oplichting en valsheid in geschrift na MECC-brand
De rechtbank Amsterdam heeft op 3 mei 2013 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte, die werd beschuldigd van medeplichtigheid aan medeplegen van oplichting en valsheid in geschrift. De feiten betreffen onder meer een brand in het MECC Maastricht in januari 2007, gevolgd door een verzekeringsclaim waarbij valse orderformulieren werden gebruikt om schade te claimen voor niet geleverde glassculpturen.
De rechtbank oordeelde dat verdachte niet mededader was van de oplichting, maar wel medeplichtig door het opmaken en ter beschikking stellen van valse orderformulieren aan [persoon 1] en diens echtgenote. Verdachte werd ook veroordeeld voor het medeplegen van valsheid in geschrift met betrekking tot documenten die op zijn computer werden aangetroffen, bedoeld om de aanhouding van [persoon 8] in Italië te simuleren.
De poging tot brandstichting waarvoor verdachte werd vervolgd, werd niet bewezen verklaard wegens gebrek aan bewijs voor nauwe en bewuste samenwerking. De rechtbank achtte de verklaringen van kroongetuige [persoon 9] betrouwbaar en bruikbaar, ondanks de bijzondere positie van deze getuige.
De strafmaat werd gemotiveerd door de ernst van de feiten, de maatschappelijke impact van verzekeringsfraude en het opmaken van valse overheidsdocumenten. Verdachte werd veroordeeld tot vier maanden gevangenisstraf, waarbij de tijd in voorarrest in mindering wordt gebracht.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot vier maanden gevangenisstraf voor medeplichtigheid aan medeplegen van oplichting en valsheid in geschrift, vrijgesproken van medeplegen poging tot brandstichting.