ECLI:NL:RBAMS:2013:CA0081
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging levensloopverlof en arbeidsovereenkomst met vaststellingsovereenkomst
Gedaagde trad in 1986 in dienst bij eiseres en had een pensioenregeling met mogelijkheid tot vervroegd pensioen op 62-jarige leeftijd. In 2007 begonnen partijen besprekingen over beëindiging van de arbeidsovereenkomst, waarbij gedaagde gebruik wilde maken van levensloopverlof om de uitdiensttreding uit te stellen.
In mei 2008 sloten partijen een vaststellingsovereenkomst waarin de arbeidsovereenkomst per 30 september 2009 zou eindigen, met mogelijkheid tot uitstel indien gedaagde 100% levensloopverlof opnam. Gedaagde nam vanaf 1 oktober 2009 levensloopverlof, maar er ontstond onenigheid over de duur daarvan; eiseres stelde dat het verlof eindigde op 30 september 2013, gedaagde meende uiterlijk 30 september 2016.
De rechtbank oordeelt dat de vaststellingsovereenkomst geen duidelijke einddatum van het levensloopverlof bevat en dat eiseres de bewijslast draagt voor haar stelling. Eiseres heeft dit niet concreet bewezen. Gelet op redelijkheid en billijkheid en de omstandigheden, waaronder het initiatief van gedaagde tot beëindiging en de financiële gevolgen, wordt geoordeeld dat gedaagde akkoord moet gaan met de einddatum 30 september 2013. De vordering van eiseres wordt toegewezen en gedaagde wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het levensloopverlof van gedaagde eindigt op 30 september 2013 en gedaagde wordt veroordeeld in de proceskosten.