ECLI:NL:RBAMS:2013:BZ8500
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen aansprakelijkheid voor beroepsfouten van ambtsvoorganger bij protocolovername notaris
De zaak betreft een vordering van de weduwe van een erflater tegen een notariskantoor, waarin zij stelt dat het notariskantoor aansprakelijk is voor een beroepsfout bij het opstellen van het testament door een ambtsvoorganger. De erflater had een testament laten opstellen waarin een legitieme portie aan de kinderen pas opeisbaar zou zijn na het overlijden van de langstlevende echtgenoot. Door een fout in het testament moesten twee kinderen hun legitieme portie eerder opeisen, wat leidde tot schade.
De eiseres stelt dat het notariskantoor aansprakelijk is omdat het het protocol van de ambtsvoorganger heeft overgenomen en de beroepsfouten op de beroepsaansprakelijkheidsverzekering van het notariskantoor zijn meeverzekerd. Het notariskantoor betwist aansprakelijkheid omdat het testament is opgesteld door de ambtsvoorganger en er geen opdrachtrelatie met het notariskantoor bestaat.
De rechtbank oordeelt dat de aansprakelijkheid voor beroepsfouten bij de ambtsvoorganger blijft en dat protocolovername en verzekering geen overdracht van aansprakelijkheid betekenen. De wettelijke regeling omtrent protocoloverdracht betreft alleen het beheer van akten en derdengelden, niet de aansprakelijkheid voor fouten. De vordering wordt afgewezen en de eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering af en oordeelt dat het notariskantoor niet aansprakelijk is voor de beroepsfouten van de ambtsvoorganger.