ECLI:NL:RBAMS:2013:BZ6005
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen dwangsom wegens vertraagde besluitvorming op Wob-verzoek door toedoen eiseres
Eiseres diende op 16 januari 2012 mondeling een Wob-verzoek in bij de Dienst Stadstoezicht, dat echter niet werd aangenomen omdat het diensthoofd niet bevoegd was en verwees naar de juridische afdeling. Eiseres weigerde het verzoek daar opnieuw in te dienen en bleef verwijzen naar het diensthoofd. Verweerder vroeg herhaaldelijk om specificatie van het verzoek, maar kreeg geen medewerking.
Verweerder stuurde ambtshalve stukken toe en wees een dwangsom af wegens het niet tijdig beslissen op het verzoek. De rechtbank oordeelde dat de vertraging in besluitvorming niet aan verweerder te wijten was, omdat eiseres niet voldeed aan haar verplichting om het verzoek te specificeren en mede daardoor de beslistermijn niet kon worden gehanteerd.
De rechtbank concludeerde dat de Wet Dwangsom bedoeld is om voortvarende besluitvorming te bevorderen, maar dat eiseres door haar opstelling zelf de vertraging veroorzaakte. Daarom is verweerder geen dwangsom verschuldigd en is het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Verweerder is geen dwangsom verschuldigd wegens vertraagde besluitvorming omdat eiseres niet meewerkte aan specificatie van haar Wob-verzoek.