ECLI:NL:RBAMS:2013:BZ4208
Rechtbank Amsterdam
- Voorlopige voorziening
- T.P.J. de Graaf
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen verlaging nabestaandenuitkering woonachtig in Turkije
Verzoekster, woonachtig in Turkije, ontving een nabestaandenuitkering die per 1 januari 2013 met 40% werd verlaagd op grond van het woonlandbeginsel. Zij diende een verzoek om voorlopige voorziening in tegen deze verlaging vanwege haar verslechterde financiële situatie.
De voorzieningenrechter oordeelde dat een financieel belang op zichzelf geen reden is voor een voorlopige voorziening, tenzij sprake is van een actuele financiële noodsituatie. Verzoekster kon niet aannemelijk maken dat zij in een dergelijke noodsituatie verkeerde, mede omdat haar vaste lasten van €228,28 per maand uit de aangepaste uitkering konden worden voldaan.
Ook werd niet gebleken dat de behandeling van het bezwaar niet kon worden afgewacht. Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend en tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de verlaging van de nabestaandenuitkering wordt afgewezen wegens ontbreken van een actuele financiële noodsituatie.