ECLI:NL:RBAMS:2013:BZ4206
Rechtbank Amsterdam
- Voorlopige voorziening
- T.P.J. de Graaf
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening wegens verlaging nabestaandenuitkering in Turkije
Verzoekster, woonachtig in Turkije, ontvangt een nabestaandenuitkering die per 1 januari 2013 met 40% is verlaagd op grond van het woonlandbeginsel. Dit houdt in dat de uitkering wordt aangepast aan het kostenniveau van het land waar zij woont. Verzoekster maakte bezwaar tegen deze verlaging en diende een verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening in.
De voorzieningenrechter overwoog dat een financieel belang op zich geen reden is voor het treffen van een voorlopige voorziening, tenzij sprake is van een actuele financiële noodsituatie met onomkeerbare gevolgen. Verzoekster slaagde er niet in dit aannemelijk te maken. Er was geen bewijs geleverd van een spoedeisend financieel belang.
Daarom wees de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af. Tevens werd geen vergoeding van griffierecht of proceskostenveroordeling toegewezen. De uitspraak werd gedaan op 8 maart 2013 en is niet vatbaar voor hoger beroep.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de verlaging van de nabestaandenuitkering is afgewezen wegens ontbreken van een actuele financiële noodsituatie.