ECLI:NL:RBAMS:2013:BZ1128
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bezwaar gegrond verklaard tegen onrechtmatige DNA-afname bij veroordeelde
De veroordeelde werd op 12 december 2011 veroordeeld voor opzetheling en op 24 augustus 2012 werd door de officier van justitie een bevel gegeven tot afname van DNA-materiaal. Op 25 september 2012 vond de afname plaats, waarna de veroordeelde binnen de wettelijke termijn bezwaar maakte tegen deze afname.
De rechtbank oordeelt dat het bevel niet correct was ondertekend en niet op de juiste wijze aan de veroordeelde is betekend, aangezien een bekend postadres niet is gebruikt. Tevens is onvoldoende gebleken dat de veroordeelde adequaat is geïnformeerd over de mogelijkheid tot bezwaar tegen de DNA-afname.
De officier van justitie voerde aan dat de afname rechtmatig was en dat recidive niet kon worden uitgesloten, maar de rechtbank achtte de vormverzuimen en het ontbreken van waarborgen zodanig dat het bezwaar gegrond moest worden verklaard.
De rechtbank beveelt de onmiddellijke vernietiging van het afgenomen celmateriaal en sluit verdere rechtsmiddelen voor de veroordeelde uit.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de DNA-afname wordt gegrond verklaard en het afgenomen celmateriaal dient te worden vernietigd.