ECLI:NL:RBAMS:2013:BY8038
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid Stichting Collectieve Actie Universiteiten in vordering tegen universiteiten over instellingscollegegeld
De Stichting Collectieve Actie Universiteiten (StCAU) spande een civiele procedure aan tegen acht universiteiten vanwege het instellingscollegegeld voor volgtijdige studies, dat aanzienlijk hoger is dan het wettelijk collegegeld. De stichting vorderde onder meer verklaringen voor recht over de beperking van het instellingscollegegeld en schadevergoeding voor studenten.
De rechtbank oordeelde dat StCAU de belangen van (aspirant-)studenten behartigt, maar dat voor deze studenten een bestuursrechtelijke rechtsgang openstaat bij het College van Beroep voor het Hoger Onderwijs (CBHO), dat voldoende waarborgen biedt. De civiele procedure is daarom niet ontvankelijk.
De rechtbank verwierp het betoog van StCAU dat aspirant-studenten door de hoogte van het collegegeld worden belemmerd om de bestuursrechtelijke weg te bewandelen, omdat dit onvoldoende was onderbouwd. Ook de inhoudelijke verweren van de universiteiten werden niet behandeld vanwege de niet-ontvankelijkheid.
StCAU werd veroordeeld in de proceskosten, die begroot zijn op €2.368,- per universiteit of groep universiteiten. Het vonnis werd gewezen door mr. M.W. van der Veen, mr. K.A. Brunner en mr. R. Raat en uitgesproken op 9 januari 2013.
Uitkomst: Stichting Collectieve Actie Universiteiten is niet-ontvankelijk verklaard in haar vorderingen tegen universiteiten over het instellingscollegegeld.