Uitspraak
1.Procedure
2.Feiten
“in de hierna in lid 2 genoemde gevallen”.
“het voorgenomen besluit van de aandeelhouders om de managementovereenkomst tussen [bedrijf gedaagde] en [bedrijf eiseres] op te zeggen, onder gelijktijdig ontslag van [bedrijf eiseres] als bestuurder van [bedrijf gedaagde]”
]en[de praktijkvennootschap van [naam 3], Rb.
]als Algemeen Directeur
zijn elk Algemeen Directeur als bedoeld in art. 11 lid 2 van Pro de statuten van [bedrijf gedaagde] en als zodanig alleen/zelfstandig bevoegd.”
het Eerste Besluit) is bij brief van de zelfde datum, 18 mei 2012, aan [bedrijf eiseres] meegedeeld, met de toevoeging dat het ontslag als bestuurder en Algemeen Directeur met onmiddellijke ingang gold.
het Tweede Besluit.
.
3.Geschil
4.Beoordeling
gederfde managementfeedat deze niet nauwkeurig is vast te stellen en derhalve op de voet van artikel 6:97 BW Pro als volgt zal worden geschat.
verlies op de waarde van de aandelengeldt, zoals [bedrijf gedaagde] terecht heeft gesteld, dat de waarde van de aandelen moet worden vastgesteld per de datum dat de managementovereenkomst eindigt. [bedrijf gedaagde] heeft vervolgens geconcludeerd dat de waarde van de aandelen wordt bepaald naar de stand van eind 2012. [bedrijf eiseres] heeft daartegenover niet gesteld dat zij in dat geval schade zou lijden, hetgeen vergeleken met een waardevaststelling per een datum van zes maanden later (die zou kunnen worden aangenomen ingevolge hetgeen hiervoor onder 4.8. is overwogen) zo onwaarschijnlijk is, dat er onvoldoende grond bestaat voor schadevergoeding in dit verband.