Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM KORT GEDING
team kanton
stichting Woningstichting Eigen Haard
1.[gedaagde 1] [woonplaats]
HET VERLOOP VAN DE PROCEDURE
GRONDEN VAN DE BESLISSING
BESLISSING
- griffierecht
- dagvaardingskosten
- salaris van de gemachtigde
Rechtbank Amsterdam
Eiseres, een woningbouwvereniging, vordert ontruiming van een woning die door de hoofdhuurder aan een onderhuurder is verhuurd in strijd met het huurcontract en het onderhuurverbod. De hoofdhuurder is veroordeeld tot ontruiming binnen zeven dagen en betaling van een boete van €4.500. De onderhuurder, die de woning bewoont met haar kind en zwanger is van een tweede, beroept zich op huurbescherming ex artikel 7:629 BW Pro.
De kantonrechter oordeelt dat de onderhuurder niet zonder recht of titel de woning bewoont en dat het aannemelijk is dat de bodemrechter de huurovereenkomst zal beëindigen. Echter wordt een ontruimingstermijn van negen maanden toegekend om rekening te houden met haar belangen, mede vanwege haar gezinssituatie en het feit dat zij met haar woonduur binnen afzienbare tijd een andere woning kan vinden.
De belangen van eiseres bij handhaving van het verdelingssysteem en het voorkomen van voordringen worden erkend als zwaarwegend. De kosten worden gecompenseerd tussen eiseres en de onderhuurder. De vordering tot ontruiming tegen de hoofdhuurder wordt volledig toegewezen, met uitzondering van het recht voor eiseres om zelf te ontruimen.
Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en de kosten van het geding worden aan de hoofdhuurder opgelegd. De onderhuurder krijgt een ruime termijn om de woning te verlaten, waarmee een balans wordt gevonden tussen contractuele rechten en sociale belangen.
Uitkomst: Hoofdhuurder moet binnen zeven dagen ontruimen en boete betalen; onderhuurder krijgt negen maanden ontruimingstermijn.