ECLI:NL:RBAMS:2012:BY8242
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek vervangende toestemming sectie minderjarige bij onverklaard overlijden
De rechtbank Amsterdam behandelde een verzoek ex artikel 74 van Pro de Wet op de lijkbezorging tot vervangende toestemming voor sectie van een minderjarige die onverwachts was overleden. De gemeentelijk lijkschouwer wilde de sectie uitvoeren om de doodsoorzaak vast te stellen, mede vanwege een mogelijk erfelijke aandoening en het belang van inzicht in fatale kindermishandeling.
De moeder verzette zich tegen de sectie omdat zij vond dat haar zoon na zijn overlijden rust verdiende en geen verdere ingrepen moest ondergaan. De kinderrechter overwoog dat het algemeen belang van de NODO-procedure is om meer inzicht te krijgen in factoren die een rol spelen bij fatale kindermishandeling en om preventie te bevorderen.
Echter, in dit specifieke geval was er geen aanwijzing van een uitwendige doodsoorzaak of kindermishandeling, en de medische voorgeschiedenis van de minderjarige was zwaar beladen. De ethische en medische argumenten voor een sectie wegens mogelijke erfelijke aandoeningen werden niet gevolgd.
De belangenafweging leidde tot de conclusie dat het belang van de moeder op rust zwaarder woog dan het algemeen belang van sectie. Daarom werd het verzoek tot vervangende toestemming afgewezen en de beschikking uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het verzoek tot vervangende toestemming voor sectie van de minderjarige is afgewezen.