ECLI:NL:RBAMS:2012:BY6909
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen sluiting woning wegens hennepkwekerij
Verzoekster, eigenaresse van een woning die zij verhuurt, verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening tegen het besluit van de burgemeester om de woning te sluiten wegens het aantreffen van een in werking zijnde hennepkwekerij met 472 planten.
De burgemeester had de woning gesloten op grond van artikel 13b van de Opiumwet voor drie maanden, met als doel een signaal af te geven dat de woning niet langer als drugspand kan worden gebruikt. Verzoekster stelde dat zij geen weet had van de hennepkwekerij en dat de sluiting haar onevenredig financieel zou schaden, terwijl er geen overlast in de buurt was.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de burgemeester bevoegd was tot bestuursdwang en dat het enkele aantreffen van een grote hennepplantage voldoende is om gevaar voor de openbare orde aan te nemen. Het ontbreken van vastgesteld beleid werd gecompenseerd door een bestendige gedragspraktijk. Het belang van de openbare orde woog zwaarder dan het belang van verzoekster.
Daarom werd het verzoek tot voorlopige voorziening afgewezen. Er was geen aanleiding voor proceskostenvergoeding en tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening tegen de sluiting van de woning wordt afgewezen.