ECLI:NL:RBAMS:2012:BY1471
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Schorsing procedure voortzetting huurovereenkomst na overlijden huurder
Eiser, de zoon van de overleden huurder, vordert voortzetting van de huurovereenkomst van zijn moeder met de beheerder van het gehuurde. De moeder was de contractuele huurder van een woning in Amsterdam. Eiser woont sinds 1986 in de woning en voert aan dat hij een duurzame gemeenschappelijke huishouding met zijn moeder heeft gevoerd. Na het overlijden van zijn moeder in 2011 verzoekt eiser de beheerder om de huurovereenkomst voort te zetten, maar deze weigert.
De beheerder voert aan dat zij niet de verhuurder is en geen huurovereenkomst met eiser of diens moeder heeft gesloten. Tevens betwist zij het bestaan van een duurzame gemeenschappelijke huishouding. Kort na het instellen van de vordering wordt eiser onder curatele gesteld, wat leidt tot een verzoek tot schorsing van het geding.
De kantonrechter oordeelt dat de procedure geschorst wordt vanwege de curatele en het ontbreken van overeenstemming tussen partijen. Het geding kan pas worden hervat als aan de wettelijke voorwaarden voor schorsing wordt voldaan. Verdere beslissingen worden aangehouden.
Uitkomst: De procedure wordt geschorst vanwege de curatele en kan pas worden hervat als aan wettelijke voorwaarden wordt voldaan.