ECLI:NL:RBAMS:2012:BY0756
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Kwijtschelding terugvordering bijstand na aflossing naar draagkracht
Eiseres verzocht om kwijtschelding van een teruggevorderde bijstandsschuld die verweerder had vastgesteld na ten onrechte betaalde bijstand. Verweerder wees dit verzoek af op grond van het bezit van een spaarloonrekening, waarmee volgens hem niet aan de aflossingsverplichting naar draagkracht was voldaan.
De rechtbank stelde vast dat verweerder gedurende de looptijd van de vordering meerdere keren de draagkracht en aflossingsverplichting had vastgesteld en dat eiseres steeds overeenkomstig deze verplichting had betaald. Volgens artikel 10.3.3 van de werkvoorschriften voldeed zij daarmee aan de eis van aflossing naar draagkracht.
Hoewel eiseres in een periode van vijf maanden geen betalingen had verricht, had zij met de betaling in december 2011 60 termijnen binnen 65 maanden betaald, wat gelijkgesteld wordt met onafgebroken betaling binnen vijf jaar. De rechtbank oordeelde dat het bestreden besluit ondeugdelijk was gemotiveerd en vernietigde het. Verweerder werd opgedragen binnen zes weken een nieuw besluit te nemen en het betaalde griffierecht te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd, met de opdracht aan verweerder een nieuw besluit te nemen.