ECLI:NL:RBAMS:2012:BY0016
Rechtbank Amsterdam
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Nakoming sponsorovereenkomst en uitoefening matching right Nike door [A] c.s.
Nike en [A] Marketing sloten op 30 oktober 2008 een sponsorovereenkomst waarbij [A] verplicht was Nike-schoenen te dragen. Na het einde van deze overeenkomst per 31 juli 2012 heeft [A] Adidas schoenen gedragen, terwijl Nike nog een matching right had om een derde sponsoraanbod te evenaren.
Nike vorderde nakoming van deze verplichting en het toestaan van haar matching right, terwijl [A] c.s. stelde dat de Nederlandse rechter niet bevoegd was en dat er geen aanbod van Adidas was ontvangen. De rechtbank oordeelde dat de primaire vorderingen op het niet-ondertekende amendement gebaseerd waren, waardoor de rechter onbevoegd was.
Voor de subsidiaire vordering stelde de rechtbank vast dat het dragen van Adidas schoenen tijdens de looptijd van het matching right aannemelijk maakt dat er een sponsorcontract is gesloten of in voorbereiding is, en dat Nike daarom in staat moet worden gesteld haar matching right uit te oefenen.
De rechtbank veroordeelde [A] c.s. om binnen twee werkdagen na ontvangst van een sponsoraanbod dit aan Nike te verstrekken en haar matching right te respecteren gedurende 180 dagen na het einde van de sponsorovereenkomst, met een dwangsom van €150.000 per dag bij niet-nakoming, tot maximaal €15 miljoen.
De primaire vorderingen werden afgewezen wegens onbevoegdheid, de subsidiaire vordering gedeeltelijk toegewezen en de proceskosten werden gecompenseerd.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt [A] c.s. om Nike binnen 180 dagen na het einde van de sponsorovereenkomst in staat te stellen haar matching right uit te oefenen, onder dreiging van een dwangsom.