ECLI:NL:RBAMS:2012:BX3365
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- C.J. Polak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag extra uren rechtsbijstand in strafzaak door rechtbank bevestigd
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen de afwijzing van een aanvraag voor extra uren rechtsbijstand in een strafzaak. Verweerder had de aanvraag afgewezen omdat er geen sprake was van een omvangrijk juridisch relevant feitencomplex of een bijzondere rechtsvraag die extra tijd rechtvaardigt.
De rechtbank oordeelt dat het beroep van eiser niet-ontvankelijk is omdat hij zelf geen bezwaar heeft gemaakt, maar verklaart het beroep van zijn gemachtigde ontvankelijk. De beoordeling van de aanvraag voor extra uren vindt plaats aan de hand van het Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 en het Handboek Vergoedingen 2000.
De rechtbank stelt vast dat de door de gemachtigde bestede uren niet aantonen dat er sprake is van een uitzonderlijke hoeveelheid juridisch relevante feiten of een bijzondere rechtsvraag. Ook het bestuderen van een EHRM-uitspraak rechtvaardigt volgens de rechtbank geen extra vergoeding. De aanvraag is daarom terecht afgewezen en het beroep ongegrond verklaard.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling of vergoeding van griffierecht. De rechtbank bevestigt daarmee het standpunt van verweerder en wijst het beroep af.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard en het beroep van zijn gemachtigde ongegrond.