ECLI:NL:RBAMS:2012:BX0841
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs witwassen in periode mei-juni 2011
De rechtbank Amsterdam behandelde de zaak tegen verdachte die werd verdacht van gewoontewitwassen in de periode van 1 mei 2011 tot 27 juni 2011. Het openbaar ministerie stelde dat verdachte meerdere grote geldbedragen had witgewassen, maar deze bedragen werden pas op 3 augustus 2011 bij verdachte aangetroffen.
De verdediging voerde aan dat het geld afkomstig was van een derde en dat er geen bewijs was dat verdachte het geld in de tenlastegelegde periode onder zich had. Tevens werd betoogd dat de doorzoeking onrechtmatig was en dat het bewijs daarom uitgesloten moest worden.
De rechtbank oordeelde dat het ten laste gelegde niet wettig en overtuigend was bewezen, omdat niet was vastgesteld dat verdachte de geldbedragen in de periode van mei tot juni 2011 onder zich had. Gezien het ontbreken van bewijs sprak de rechtbank verdachte vrij van de tenlastelegging van gewoontewitwassen.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs dat hij de geldbedragen in de tenlastegelegde periode onder zich had.