ECLI:NL:RBAMS:2012:BX0611
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.H. van Benthem
- J.W. Vriethoff
- H.M. van Niftrik
- Rechtspraak.nl
Deels geweigerde overlevering naar Polen wegens artikel 12 Overleveringswet
De rechtbank Amsterdam behandelde op 27 maart 2012 de vordering tot overlevering van een Poolse staatsburger op grond van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) uitgevaardigd door een Poolse rechtbank. De overlevering betrof drie verstekvonnissen met vrijheidsstraffen variërend van 8 maanden tot 2 jaar.
De verdediging voerde aan dat de overlevering voor alle drie de vonnissen geweigerd moest worden op grond van artikel 12 van Pro de Overleveringswet (OLW), omdat het verstekvonnissen betrof. De officier van justitie stelde echter dat overlevering voor het vonnis van 30 april 2008 moest worden toegestaan, omdat de dagvaarding volgens Pools recht in persoon was uitgereikt en de opgeëiste persoon op de zitting aanwezig was geweest.
De rechtbank oordeelde dat voor de vonnissen van 13 oktober en 18 november 2008 niet was voldaan aan de voorwaarden van artikel 12 OLW Pro, zoals een verzetgarantie of persoonlijke betekening, en weigerde daarom de overlevering voor deze vonnissen. Voor het vonnis van 30 april 2008 werd de overlevering toegestaan. De rechtbank constateerde tevens dat de feiten waarvoor overlevering werd verzocht strafbaar zijn volgens zowel Pools als Nederlands recht.
De uitspraak is onherroepelijk en de rechtbank kan niet beoordelen welk deel van de straf betrekking heeft op de toegestane feiten; dit is aan de Poolse autoriteiten na overlevering.
Uitkomst: De rechtbank staat de overlevering toe voor één vonnis en weigert deze voor twee andere verstekvonnissen wegens ontbreken van terugkeergarantie.