ECLI:NL:RBAMS:2012:BW8891
Rechtbank Amsterdam
- Kort geding
- J.A.J. Peeters
- Rechtspraak.nl
Bevestiging rechtsgeldigheid opzegging huurovereenkomst op grond van artikel 305 lid 3 Faillissementswet
In deze zaak vordert verhuurder Ymere de ontbinding en ontruiming van een woning gehuurd door eiser sinds 1998, vanwege huurachterstanden en onderverhuur zonder toestemming. De huurovereenkomst werd opgezegd op grond van artikel 305 lid 3 van Pro de Faillissementswet, waarmee de verhuurder een bijzondere opzeggingsbevoegdheid heeft bij niet-nakoming van verplichtingen door een schuldenaar.
De kantonrechter verklaarde de ontruiming uitvoerbaar bij voorraad en stelde een termijn van veertien dagen na betekening van het vonnis vast. Eiser betwistte dit in een executiegeschil en stelde dat artikel 305 Fw Pro niet derogeert aan de huurbeschermingsregels van Boek 7 BW, dat het vonnis onvoldoende gemotiveerd is en dat de kantonrechter buiten de rechtsstrijd is getreden.
De voorzieningenrechter oordeelt dat artikel 305 lid 3 Fw Pro een zelfstandige opzeggingsgrond is die derogeert aan de algemene huurbeschermingsregels. Het vonnis van de kantonrechter bevat geen juridische misslagen, is voldoende gemotiveerd en de vaststelling dat de huurovereenkomst per 1 april 2011 is geëindigd is rechtmatig. De gevorderde schorsing van de ontruiming wordt afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De gevorderde schorsing van de ontruiming wordt afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.