ECLI:NL:RBAMS:2012:BV7541
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- M. Vaandrager
- M.R. Jöbsis
- J.L. de Vries
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte medeplichtigheid gijzeling wegens gebrek aan wetenschap
Op 9 juli 2011 werden aangeefster en haar partner wederrechtelijk van hun vrijheid beroofd en aangeefster werd gegijzeld tot 10 juli 2011. Verdachte werd ervan verdacht medeplichtig te zijn aan deze gijzeling doordat hij aangeefster samen met een medeverdachte van de plaats waar zij werd vastgehouden naar een parkeerplaats vervoerde.
De rechtbank heeft het dossier onderzocht, waaronder telefoontaps, verklaringen van aangeefster en verdachte, en verkeersgegevens. Uit het bewijs bleek dat verdachte op het moment van het vervoer niet kon weten dat aangeefster tegen haar wil werd vastgehouden. De verklaringen van aangeefster over wat verdachte had moeten horen waren conclusies en geen eigen waarnemingen.
Verdachte verklaarde dat hij handelde in de veronderstelling dat het ging om een situatie met gokvrienden en dat hij niet wist van een gijzeling. De officier van justitie vorderde vrijspraak voor de gijzeling en ook voor de tenlastelegging van medeplichtigheid, omdat niet bewezen kon worden dat verdachte wetenschap had van de gijzeling.
De rechtbank oordeelde dat verdachte niet betrokken was bij de ontvoering en dat medeplichtigheid niet bewezen kon worden. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten en hief het bevel tot voorlopige hechtenis op.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs dat hij wetenschap had van de gijzeling toen hij aangeefster vervoerde.