ECLI:NL:RBAMS:2011:BW7965
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Executoriale verkoop van aandelen in besloten vennootschappen na beslaglegging
In deze civiele procedure heeft Toppot executoriaal beslag gelegd op aandelen die [A] houdt in Hoad Holding B.V. en op aandelen die Hoad Holding B.V. houdt in diverse dochtervennootschappen. De rechtbank moest bepalen binnen welke termijn en onder welke voorwaarden tot verkoop en overdracht van deze aandelen kon worden overgegaan.
Medeaandeelhouders [E] en [F] verzochten toegelaten te worden als belanghebbenden om gehoord te worden over de verkoopvoorwaarden. De rechtbank wees dit verzoek af omdat zij niet aannemelijk hadden gemaakt dat zij pas kort voor de zitting op de hoogte waren van het beslag, terwijl het beslag al bijna anderhalf jaar eerder was gelegd. Het belang van Toppot bij een spoedige executoriale verkoop woog zwaarder.
De rechtbank bepaalde dat de aandelen in de dochtervennootschappen via een openbare verkoop (veiling) zouden worden verkocht, waarbij eerst de aandelen in Hopik Holding B.V. worden verkocht, gevolgd door aandelen in andere vennootschappen indien nodig. De rechtbank verwierp het verweer van [A] en Hoad dat het prijsbepalingsmechanisme in de statuten van toepassing zou zijn en oordeelde dat de prospectusplicht uit de Wet op het financieel toezicht niet geldt voor deze executoriale verkoop. Tevens werd [A] en Hoad veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank bepaalt dat de aandelen in de dochtervennootschappen via openbare verkoop worden verkocht binnen zes maanden, wijst het verzoek tot tussenkomst af en veroordeelt [A] en Hoad in de proceskosten.