ECLI:NL:RBAMS:2011:BV7472
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Hoogheemraadschap onrechtmatig jegens erfpachter door onjuiste eis heruitgifte erfpachtrecht
Eiser, koper van een erfpachtrecht onder de AV 1994, werd geconfronteerd met een eis van het Hoogheemraadschap om het erfpachtrecht opnieuw uit te geven onder de AV 2005 bij overdracht, wat leidde tot een hogere canon van €1.560 in plaats van €789,58 per jaar. De rechtbank stelt vast dat op grond van de AV 1994 geen toestemming voor overdracht vereist was en dat het Hoogheemraadschap onrechtmatig handelde door onjuiste informatie te verstrekken en te profiteren van deze onjuiste eis.
Eiser vorderde onder meer vernietiging van het heruitgegeven erfpachtrecht en vergoeding van de schade bestaande uit het verschil in betaalde canon. De rechtbank verwierp het beroep op dwaling en nietigheid, maar oordeelde dat het handelen van het Hoogheemraadschap in strijd was met het zorgvuldigheidsbeginsel en onrechtmatig was jegens eiser.
De schade werd berekend als het verschil tussen de betaalde canon en de hypothetische canon onder de AV 1994, inclusief een overgangsregeling, wat resulteerde in een bedrag van €3.775,06. De vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten werd afgewezen, maar het Hoogheemraadschap werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten en wettelijke rente. De vordering tot koopaanbod van het bloot-eigendom werd afgewezen omdat daartoe geen verplichting bestond.
Uitkomst: Het Hoogheemraadschap is veroordeeld tot vergoeding van €3.775,06 schade wegens onrechtmatig handelen door onjuiste eis heruitgifte erfpachtrecht.