ECLI:NL:RBAMS:2011:BV6780
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid rechtbank bij schadestaatprocedure ondanks arbitragebeding
In deze civiele procedure vordert eiseres [A] betaling van schadevergoeding van Maxeda, voortvloeiend uit een eerdere hoofdzaak waarin Maxeda aansprakelijk werd gesteld bij verstekvonnis. Maxeda betoogt dat de rechtbank zich onbevoegd moet verklaren vanwege een arbitragebeding in de onderliggende koopovereenkomst.
De rechtbank overweegt dat het verstekvonnis gezag van gewijsde heeft en dat de aansprakelijkheid van Maxeda daarmee onherroepelijk is vastgesteld. De schadestaatprocedure wordt gezien als een bijzondere vorm van tenuitvoerlegging en voortzetting van het hoofdgeding, waardoor de rechter die de hoofdzaak behandelde ook bevoegd is voor de schadestaatprocedure op grond van artikel 613 lid 2 Rv Pro.
Het beroep van Maxeda op het arbitragebeding faalt omdat zij zich in het eerdere geding niet op dat beding heeft beroepen en het verstekvonnis in kracht van gewijsde is gegaan. De rechtbank wijst het verzoek tot onbevoegdverklaring af en veroordeelt Maxeda in de proceskosten van het incident.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich bevoegd en wijst het verzoek tot onbevoegdverklaring af.