ECLI:NL:RBAMS:2011:BU5090
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wederrechtelijke vrijheidsberoving, veroordeling bezit vervalste documenten en illegaal verblijf
De rechtbank Amsterdam behandelde de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van wederrechtelijke vrijheidsberoving van een slachtoffer tussen december 2009 en maart 2010, bezit van vervalste documenten en illegaal verblijf in Nederland.
Uit het bewijs, waaronder DNA-sporen op een bij de ontvoering gebruikte bivakmuts, bleek onvoldoende wettig en overtuigend bewijs om verdachte te verbinden aan de ontvoering. De rechtbank oordeelde dat het DNA-spoor alleen niet volstond voor een bewezenverklaring van medeplegen van de gijzeling. Ook andere bewijsmiddelen zoals gesprekken en telefoongegevens waren onvoldoende om de vrijheidsberoving te bewijzen.
Wel werd vastgesteld dat verdachte op 31 juli 2010 in bezit was van een vervalst identiteitsbewijs en rijbewijs op een valse naam, waarvan hij wist dat deze vervalst waren. Tevens verbleef hij als vreemdeling in Nederland terwijl hij op grond van de Vreemdelingenwet 2000 tot ongewenst vreemdeling was verklaard. Op basis hiervan werd verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van zes maanden, met aftrek van voorarrest.
De rechtbank hield rekening met de ernst van de feiten en de persoonlijke omstandigheden van verdachte, die niet eerder was veroordeeld voor soortgelijke feiten. De eis van de officier van justitie tot acht jaar gevangenisstraf werd afgewezen vanwege het ontbreken van bewijs voor de vrijheidsberoving.
Het vonnis werd gewezen door de meervoudige strafkamer op 17 november 2011.
Uitkomst: Verdachte vrijgesproken van wederrechtelijke vrijheidsberoving, veroordeeld tot zes maanden gevangenisstraf voor bezit van vervalste documenten en illegaal verblijf.