ECLI:NL:RBAMS:2011:BU3655
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Nietigheid opzegging arbeidsovereenkomst wegens ziekte te laat ingeroepen
Eiser was sinds april 2004 in dienst bij gedaagde en meldde zich in februari 2009 ziek. Na gedeeltelijke werkhervatting werd op 26 augustus 2009 de arbeidsovereenkomst opgezegd met ingang van 1 oktober 2009, na toestemming van het UWV op grond van bedrijfseconomische redenen.
Eiser stelde dat de opzegging nietig was vanwege het opzegverbod tijdens ziekte en deed op 27 november 2009 schriftelijk een beroep op nietigheid. Gedaagde verweerde zich met het standpunt dat het beroep te laat was, omdat de wettelijke termijn van twee maanden om nietigheid in te roepen begint te lopen op de dag van opzegging, niet op de dag waartegen is opgezegd.
De rechtbank oordeelde dat het beroep van eiser inderdaad te laat was ingediend, aangezien de termijn op 26 augustus 2009 begon te lopen. Het betoog van eiser dat de termijn pas op 1 oktober 2009 zou starten, werd verworpen. Ook het argument dat mondeling eerder beroep was gedaan, werd niet bewezen geacht.
De vorderingen van eiser tot verklaring van nietigheid en betaling van loon werden afgewezen. De rechtbank veroordeelde eiser in de proceskosten. De vraag of eiser op het moment van opzegging arbeidsongeschikt was, hoefde niet meer te worden beantwoord.
Uitkomst: De vorderingen van eiser tot nietigheid van opzegging en loonbetaling worden afgewezen wegens te late ingebruikname van de nietigheidsgrond.