ECLI:NL:RBAMS:2011:BU2110
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot beëindiging gebruik zolderkamer in etagewoning te Amsterdam
In deze zaak stond centraal of de huurder van een etagewoning in Amsterdam het gebruik van een zolderkamer op de bovenste verdieping moest beëindigen. De woning is gebouwd met een berging/zolderkamer die volgens bouwvergunning en gemeentelijke registratie deel uitmaakt van de etagewoning. De verhuurder vorderde beëindiging van het gebruik van deze zolderkamer, maar de huurder stelde dat zij deze ruimte huurde en dat de huur niet rechtsgeldig was opgezegd.
De rechtbank stelde vast dat de zolderkamer volgens bouwvergunning en eigendomsdocumenten bij de etagewoning hoorde en dat de huurder daar nooit afstand van had gedaan. De bewoordingen in de transportakte konden niet tegen de huurder worden gebruikt, aangezien koop geen huur breekt. Ook dat de huurder geen aparte huur voor de zolderkamer betaalde, was niet relevant omdat zij de huur voor de gehele etagewoning inclusief zolderkamer betaalde.
De kantonrechter oordeelde dat de huur niet rechtsgeldig was opgezegd en dat de vordering tot beëindiging van het gebruik van de zolderkamer daarom faalde. De vordering werd afgewezen en de verhuurder werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot beëindiging van het gebruik van de zolderkamer wordt afgewezen omdat de huur niet rechtsgeldig is opgezegd.