ECLI:NL:RBAMS:2011:BQ8608
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor bezit en vervaardiging van kinderpornografisch filmmateriaal met minderjarige
De rechtbank Amsterdam heeft verdachte veroordeeld voor het bezit en vervaardigen van kinderpornografie. Verdachte heeft seksuele handelingen verricht met een 16-jarig meisje in zijn kelderbox, welke handelingen zijn gefilmd en op zijn laptop zijn aangetroffen. De rechtbank acht bewezen dat verdachte deze beelden heeft vervaardigd en in bezit had, en dat hij medepleger was bij het vervaardigen van kinderporno.
De verdediging voerde aan dat de dagvaarding nietig was en dat de strafbaarheid ontbrak omdat de seksuele handelingen in de privésfeer en vrijwillig zouden zijn geweest. De rechtbank verwierp deze verweren, oordeelde dat de dagvaarding aan de wettelijke eisen voldeed en dat de strafbaarheid van het vervaardigen en bezit van kinderporno vaststond. De rechtbank sprak verdachte vrij van de tenlastelegging van vaginale penetratie wegens onvoldoende bewijs.
De rechtbank legde een gevangenisstraf van één maand op, waarvan de uitvoering werd geschorst onder een proeftijd van twee jaar, en een taakstraf van 80 uur met een vervangende hechtenis van 40 uur bij niet-naleving. Tevens werden bijzondere voorwaarden opgelegd, waaronder een meldingsgebod en een behandelverplichting. De straf houdt rekening met de ernst van het feit, de persoonlijke omstandigheden van verdachte en het risico op recidive.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van één maand en 80 uur taakstraf voor bezit en vervaardiging van kinderpornografisch materiaal.