ECLI:NL:RBAMS:2011:BQ7846
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.H. van Benthem
- S. van Eunen
- M.C.J. Rozijn
- Rechtspraak.nl
Toestemming tot executieoverlevering van Hongaarse veroordeelde wegens oplichting
De rechtbank Amsterdam behandelde op 13 mei 2011 de vordering tot overlevering van een Hongaarse man, opgeëist op basis van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) uitgevaardigd door de Pest County Court in Hongarije. De opgeëiste persoon was veroordeeld tot een gevangenisstraf van drie jaar wegens fraude, wat in Nederland overeenkomt met het strafbare feit van oplichting.
De raadsman van de opgeëiste persoon voerde aan dat geen sprake was van strafbare feiten volgens de lijstfeiten en dat het feit eerder civielrechtelijk van aard leek. Tevens stelde hij dat de opgeëiste persoon door zijn langdurig verblijf in Nederland gelijkgesteld moest worden aan een Nederlander, waardoor overlevering geweigerd zou moeten worden. De rechtbank verwierp deze verweren, stellende dat het feit zowel in Hongarije als Nederland strafbaar is en dat de opgeëiste persoon niet voldeed aan de vereisten voor rechtsmacht en langdurig verblijf.
De rechtbank concludeerde dat aan alle voorwaarden van de Overleveringswet was voldaan en stond de overlevering toe. Tegen deze uitspraak is geen gewoon rechtsmiddel mogelijk. De beslissing werd genomen door mr. W.H. van Benthem, mrs. S. van Eunen en M.C.J. Rozijn op 27 mei 2011.
Uitkomst: De rechtbank staat de overlevering van de Hongaarse veroordeelde wegens oplichting toe.