ECLI:NL:RBAMS:2011:BQ6578
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.M. van der Nat
- S.A. Krenning
- P. Peters
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verkrachting, voorwaardelijke gevangenisstraf ontucht minderjarige
De rechtbank Amsterdam heeft op 14 april 2011 uitspraak gedaan in de strafzaak tegen verdachte die werd beschuldigd van verkrachting en ontuchtige handelingen met een minderjarige. De tenlastelegging omvatte primair verkrachting door seksueel binnendringen, subsidiair ontucht met een aan verdachte toevertrouwde minderjarige, en meer subsidiair ontucht met een minderjarige onder de zestien jaar.
De rechtbank oordeelde dat het dragende bestanddeel van verkrachting, het binnendringen van het lichaam, niet wettig en overtuigend was bewezen omdat de verklaring van het slachtoffer niet werd ondersteund door andere bewijsmiddelen. Ook werd het subsidiair ten laste gelegde ontucht met een aan verdachte toevertrouwde minderjarige verworpen, omdat verdachte niet daadwerkelijk zorg of waakzaamheid droeg voor het slachtoffer.
Wel werd bewezen verklaard dat verdachte tussen december 2008 en april 2009 ontuchtige handelingen heeft verricht met het slachtoffer, die toen nog geen zestien jaar was. Verdachte erkende deze feiten. Gelet op de ernst van het feit, de kwetsbaarheid van het slachtoffer en de psychische gevolgen, maar ook op de verminderd toerekeningsvatbaarheid van verdachte wegens vasculaire dementie, legde de rechtbank een voorwaardelijke gevangenisstraf van één jaar op met een proeftijd van twee jaar. Tevens werd een schadevergoeding van €2.700 toegewezen aan het slachtoffer.
Uitkomst: Verdachte vrijgesproken van verkrachting, veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van één jaar voor ontucht met een minderjarige onder de zestien jaar.