ECLI:NL:RBAMS:2011:BQ3852
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing WW-uitkering wegens verwijtbare werkloosheid en niet voldoen aan referte-eis
Eiser was in loondienst bij drukkerij [werkgeefster], die haar vestiging wilde sluiten. Eiser wilde zelfstandig ondernemer worden door overname van drukkerij Snelprint, maar de financiering liep spaak. Hij nam ontslag per 1 september 2008 en vroeg een WW-uitkering aan, die werd afgewezen wegens verwijtbare werkloosheid. Deze afwijzing stond in rechte vast omdat eiser geen bezwaar had gemaakt.
Eiser verzocht om herziening op grond van nieuwe feiten, waaronder een intentieverklaring en een financieringspoging bij de SNS-bank. De rechtbank oordeelde dat deze feiten niet nieuw waren of niet als zodanig konden gelden, omdat de intentieverklaring al bekend was en de financieringsafwijzing pas na het besluit plaatsvond. Verweerder mocht daarom het verzoek afwijzen.
Verder stelde eiser dat hij vanaf 15 januari 2009 recht had op WW omdat hij aan de referte-eis voldeed. De rechtbank stelde vast dat hij onvoldoende weken als werknemer had gewerkt in de referteperiode en dat de weken die eerder waren meegeteld bij de eerste aanvraag niet opnieuw konden worden gebruikt. Daarom werd ook deze aanvraag afgewezen. Beide beroepen werden ongegrond verklaard zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De beroepen tegen de afwijzing van de WW-uitkeringen worden ongegrond verklaard vanwege verwijtbare werkloosheid en het niet voldoen aan de referte-eis.