ECLI:NL:RBAMS:2011:BQ1743
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Niet toewijzen verzekeringsgeneeskundig en arbeidsdeskundig rapport wegens onvoldoende onderbouwing en belangenverstrengeling
In deze civiele zaak over letselschade heeft de rechtbank Amsterdam het verzekeringsgeneeskundig rapport van de door haar benoemde deskundige, de heer Kruithof, afgewezen. De conclusies van Kruithof stroken niet logisch met de eerder overgenomen medische bevindingen van prof. [B], met name over de beperkingen van eiser [A]. Hierdoor kan het rapport niet als basis dienen voor verdere beoordeling.
Daarnaast heeft eiser [A] ernstige bezwaren geuit tegen het arbeidsdeskundig rapport van de heer Nohlmans. Deze bezwaren betreffen zowel de inhoud als de onafhankelijkheid van de deskundige, aangezien Nohlmans tijdens het proces van werkgever is veranderd naar een dochtermaatschappij van een assuradeur, zonder dat eiser hiervan op de hoogte werd gesteld. Ook was een collega, niet benoemd door de rechtbank, betrokken bij de afronding van het rapport.
De rechtbank acht deze omstandigheden zodanig dat zowel het verzekeringsgeneeskundig als het arbeidsdeskundig rapport niet bruikbaar zijn. Daarom wordt besloten nieuwe deskundigen te benoemen die de vragen opnieuw zullen beantwoorden. Partijen krijgen de gelegenheid om gezamenlijk of afzonderlijk deskundigen voor te dragen en zich over de voorgenomen extra vraag aan de arbeidsdeskundige uit te laten.
De procedure wordt aangehouden totdat deze nieuwe rapportages zijn ontvangen en beoordeeld. De rechtbank benadrukt het belang van een zorgvuldige en transparante deskundigenprocedure, waarbij partijen tijdig geïnformeerd moeten worden over wijzigingen die de onafhankelijkheid kunnen raken.
Uitkomst: Het verzekeringsgeneeskundig en arbeidsdeskundig rapport worden afgewezen en nieuwe deskundigen benoemd.