ECLI:NL:RBAMS:2011:BP1587
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.M. van Dijk
- A.C. Schaafsma
- H.M. van Niftrik
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak kunstenares wegens ontbreken bewijs van dierenmishandeling hamsters
De rechtbank Amsterdam sprak op 21 januari 2011 een kunstenares en de galeriehouder vrij van het ten laste gelegde dierenmishandeling van circa 95 hamsters die in hamsterballen werden gehouden. De officier van justitie stelde dat de hamsters te lang in de ballen zaten, wat in strijd was met de gebruiksaanwijzing en de Gezondheids- en Welzijnswet voor Dieren (GWD). De verdediging betwistte dit en voerde aan dat de hamsters geen letsel of schade hadden opgelopen en dat de gebruiksaanwijzing slechts een advies was.
De rechtbank oordeelde dat het tenlastegelegde niet wettig en overtuigend was bewezen. Er was geen vaststaand bewijs dat de hamsters letsel hadden opgelopen of dat hun welzijn was geschaad. De verklaringen van verbalisanten waren momentopnames en onvoldoende onderbouwd, en het rapport van een deskundige werd niet als bewijs toegelaten vanwege onduidelijkheid over de gebruikte gegevens. De hamsters waren nachtdieren en sliepen het grootste deel van de tijd in de ballen, waardoor het ontbreken van voedsel en water tijdens die perioden niet leidde tot schade.
De rechtbank verwierp het verweer van schending van het gelijkheidsbeginsel en verklaarde de officier van justitie ontvankelijk. Uiteindelijk sprak de rechtbank verdachte en medeverdachte vrij, omdat niet kon worden vastgesteld dat zij de hamsters opzettelijk hadden benadeeld of de nodige zorg hadden onthouden.
De uitspraak benadrukt het belang van voldoende en overtuigend bewijs bij dierenmishandeling en dat adviezen in gebruiksaanwijzingen niet zonder meer strafrechtelijke normen zijn. De rechtbank bevestigde dat de maatschappelijke grenzen in de verzorging van dieren mede bepalend zijn voor vervolging, maar dat in dit geval niet aan de strafrechtelijke criteria was voldaan.
Uitkomst: Verdachte en medeverdachte zijn vrijgesproken wegens ontbreken van wettig en overtuigend bewijs van dierenmishandeling.