ECLI:NL:RBAMS:2010:BP1652
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.J. Bade
- S.A. Krenning
- M.C.J. Rozijn
- Rechtspraak.nl
Toestemming tot overlevering op grond van Europees aanhoudingsbevel ondanks betwisting procesrechtelijke schendingen
De rechtbank Amsterdam behandelde een vordering tot overlevering van een persoon aan de Britse autoriteiten op grond van een Europees aanhoudingsbevel (EAB). De opgeëiste persoon werd verdacht van valsheid in geschrift, het verkrijgen van een reisdocument op valse gronden en oplichting.
De verdediging voerde aan dat de detentie onrechtmatig was verlengd in afwachting van het tweede EAB en dat er sprake was van een schending van artikel 11 van Pro de Overleveringswet (OLW) en het ne bis in idem-beginsel. De rechtbank verwierp deze verweren omdat de stellingen onvoldoende waren onderbouwd en de feiten waarvoor overlevering werd gevraagd wezenlijk verschilden van de eerdere veroordeling in Nederland.
De rechtbank oordeelde dat het EAB aan alle wettelijke eisen voldeed, dat de opgeëiste persoon rechtmatig was aangehouden en dat de overlevering niet zou leiden tot een flagrante schending van fundamentele rechten. De overlevering werd daarom toegestaan zonder dat tegen deze uitspraak een gewoon rechtsmiddel openstaat.
Uitkomst: De rechtbank staat de overlevering van de opgeëiste persoon aan de Britse autoriteiten toe.