ECLI:NL:RBAMS:2010:BO6677
Rechtbank Amsterdam
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- T.P.J. de Graaf
- Rechtspraak.nl
Vernietiging huisverbod wegens ontbreken wettelijke grondslag na vertrek huisgenoten
Op 2 september 2010 legde de burgemeester aan de man een tijdelijk huisverbod op na een incident in de huiselijke sfeer waarbij de man geweld gebruikte tegen zijn vrouw in aanwezigheid van hun minderjarige zoon. Het huisverbod omvatte ook een contactverbod met de vrouw en de zoon.
Tijdens de zitting op 8 september 2010 bleek dat de vrouw en de zoon de woning inmiddels hadden verlaten en niet binnen afzienbare tijd wensen terug te keren. De rechtbank oordeelde dat het contactverbod alleen kan worden opgelegd ten aanzien van personen die in de woning wonen of daar anders dan incidenteel verblijven. Nu de vrouw en zoon niet meer in de woning verblijven, ontbreekt de wettelijke grondslag voor het handhaven van het contactverbod en daarmee ook voor het huisverbod.
De rechtbank verklaarde het beroep van de man gegrond, vernietigde het bestreden besluit en wees het verzoek om voorlopige voorziening af omdat de man geen belang meer had bij schorsing. Tevens werd de burgemeester veroordeeld tot betaling van de proceskosten van €1.311. De rechtbank benadrukte dat het oordeel ex nunc moet plaatsvinden en dat het niet relevant is of de vrouw en zoon ten tijde van het opleggen van het huisverbod nog in de woning verbleven.
Uitkomst: Het huisverbod wordt vernietigd omdat de vrouw en zoon niet meer in de woning verblijven en het contactverbod daardoor geen wettelijke grondslag heeft.