ECLI:NL:RBAMS:2010:BO2895
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid belastingadviseur voor niet tijdig indienen bezwaartermijn en schadevergoeding
In deze civiele bodemzaak vordert eiser [A] de Adviespraktijk te veroordelen tot betaling van schadevergoeding en proceskosten wegens beroepsaansprakelijkheid. [A] stelde dat de Adviespraktijk meerdere termijnen gesteld door de belastingdienst heeft laten verlopen, waaronder de bezwaartermijn, waardoor de belastingdienst niet langer verplicht was een inhoudelijke beslissing te nemen. Dit benadeelde [A] omdat hij afhankelijk werd van de welwillendheid van de belastingdienst, en bezwaar tegen ambtshalve herziening niet mogelijk is.
De rechtbank beoordeelde of de Adviespraktijk de zorgvuldigheid had betracht die van een redelijk bekwaam belastingadviseur mag worden verwacht. De Adviespraktijk had niet tijdig gereageerd op verzoeken van de belastingdienst en onvoldoende informatie opgevraagd bij [A], waaronder een accountantsverklaring. Hierdoor werd het verzoek om toepassing van artikel 18 Wet Pro op de inkomstenbelasting 1964 niet inhoudelijk beoordeeld.
De rechtbank stelde vast dat de Adviespraktijk onvoldoende had onderbouwd dat zij [A] tijdig had geïnformeerd over het belang van de accountantsverklaring. De schade van €32.385,56 werd toegewezen, bestaande uit belasting, heffings- en invorderingsrente. De vordering tot verklaring van aansprakelijkheid werd afgewezen wegens gebrek aan aanvullend belang. De proceskosten werden toegewezen aan [A].
Uitkomst: De Adviespraktijk wordt veroordeeld tot betaling van €32.385,56 schadevergoeding en proceskosten aan [A].