ECLI:NL:RBAMS:2010:BO1577
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Y.A.A.G. de Vries
- Rechtspraak.nl
Financiële vergoeding bij ontslag op andere gronden na onrechtmatig besluit
Eiseres was sinds 1980 in dienst van het Academisch Medisch Centrum en kreeg per 1 januari 2005 ontslag op andere gronden. De Centrale Raad van Beroep had eerder het beroep van eiseres tegen het ontslag gegrond verklaard vanwege het ontbreken van een passende financiële vergoeding. Verweerder kende vervolgens een vergoeding van €20.000 toe, waartegen eiseres bezwaar maakte.
De rechtbank oordeelt dat verweerder onvoldoende rekening heeft gehouden met zijn aandeel in het ontstaan en voortbestaan van de verstoorde arbeidsrelatie en dat de vergoeding ontoereikend is. De rechtbank stelt de vergoeding vast op €100.000 bruto, gebaseerd op het aantal dienstjaren, het bruto maandsalaris inclusief vakantiegeld en eindejaarsuitkering, en een factor 1 voor het aandeel van verweerder.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank verweerder tot betaling van wettelijke rente vanaf de ontslagdatum, vergoeding van het griffierecht en proceskosten. Het bestreden besluit wordt vernietigd en de rechtbank voorziet zelf in de zaak. De uitspraak is openbaar gedaan op 1 september 2010.
Uitkomst: Verweerder moet eiseres een financiële vergoeding van €100.000 bruto plus wettelijke rente en proceskosten betalen.