ECLI:NL:RBAMS:2010:BN2941
Rechtbank Amsterdam
- Voorlopige voorziening
- J.P. Smit
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening bestuursrechtelijke premie Zorgverzekeringswet
Verzoeker heeft een voorlopige voorziening gevraagd tegen het besluit van het College voor zorgverzekeringen om een bestuursrechtelijke premie op te leggen vanwege een betalingsachterstand van zes of meer maandpremies.
De rechtbank stelt vast dat besluiten over de verschuldigdheid of hoogte van de bestuursrechtelijke premie zijn geplaatst op de negatieve lijst van de Algemene wet bestuursrecht, waardoor bezwaar en beroep tegen deze besluiten zijn uitgesloten. Hierdoor kan het bezwaar van verzoeker over de premie niet-ontvankelijk worden verklaard.
Verzoeker betwist onder meer de rechtsgrondslag, de bevoegdheid van de beslissingsbevoegde en de inhouding op zijn nabestaandenuitkering. De rechtbank oordeelt dat de vermeende gebreken in bezwaar kunnen worden hersteld en dat de invordering rekening houdt met de beslagvrije voet, zodat het inkomen niet onder het bestaansminimum komt.
Gelet op de belangenafweging ziet de voorzieningenrechter geen aanleiding om de voorlopige voorziening toe te wijzen en wijst het verzoek af. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening tegen het opleggen van de bestuursrechtelijke premie wordt afgewezen.