ECLI:NL:RBAMS:2010:BM6337
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Toestemming tot overlevering aan Finland voor drugshandelonderzoek ondanks Nederlandse aanhouding
De rechtbank Amsterdam behandelde op 9 april 2010 een verzoek tot overlevering van een persoon aan Finland op basis van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) wegens vermoedelijke betrokkenheid bij ernstige drugshandel. De verdachte was in Nederland aangehouden op grond van de Opiumwet, maar de rechtbank oordeelde dat er geen sprake was van een lopende strafvervolging in Nederland. De aanhouding was gebaseerd op een Fins rechtshulpverzoek en diende niet tot vervolging in Nederland.
De verdediging voerde aan dat er sprake was van détournement de pouvoir en dat de Nederlandse wetgeving op overlevering in strijd was met het EU-Kaderbesluit over Europese aanhoudingsbevelen. De rechtbank verwierp deze bezwaren en stelde dat de Nederlandse wetgeving en praktijk in overeenstemming zijn met het Kaderbesluit, waarbij het Openbaar Ministerie als uitvoerende rechterlijke autoriteit optreedt.
De rechtbank concludeerde dat de overlevering aan Finland gerechtvaardigd is, mede omdat de feiten ook onder Nederlands recht strafbaar zijn en de verdachte de garantie heeft dat een eventuele straf in Nederland kan worden uitgezeten. De vordering tot overlevering werd daarom toegestaan.
Uitkomst: De rechtbank staat de overlevering van de verdachte aan Finland toe voor het strafrechtelijk onderzoek naar drugshandel.