ECLI:NL:RBAMS:2010:BM2154
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid medische controle bij in het buitenland woonachtige WAO-uitkeringsgerechtigde
Eiseres ontvangt sinds 1995 een WAO-uitkering en is in 1998 naar Spanje verhuisd. Medische onderzoeken door het Spaanse INSS leidden niet tot wijziging van haar arbeidsongeschiktheid. In 2009 werd zij door een Nederlandse verzekeringsarts in Spanje onderzocht, waarna verweerder haar arbeidsongeschiktheid verlaagde. Eiseres betwistte echter dat zij had ingestemd met dit onderzoek.
De rechtbank beoordeelde of verweerder bevoegd was het medische onderzoek door een Nederlandse arts te laten verrichten op grond van artikel 51 van Pro Verordening 574/72. Uit het dossier bleek dat het keuzeformulier onduidelijk was en dat eiseres niet ondubbelzinnig had afgezien van het recht op onderzoek door het Spaanse orgaan. Verweerder kon niet aannemelijk maken dat eiseres had gekozen voor het Nederlandse onderzoek.
Daarnaast oordeelde de rechtbank dat het Nederlandse onderzoek geen controle was van het Spaanse onderzoek, mede vanwege het tijdsverloop van ruim twee jaar. Verweerder ontbeerde daarom de bevoegdheid het onderzoek door een Nederlandse verzekeringsarts te laten verrichten. Het bestreden besluit werd vernietigd en verweerder werd opgedragen een nieuwe beslissing te nemen, met vergoeding van proceskosten en griffierecht aan eiseres.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd omdat verweerder niet bevoegd was het medische onderzoek door een Nederlandse verzekeringsarts te laten verrichten zonder ondubbelzinnige toestemming van eiseres.