ECLI:NL:RBAMS:2010:BM1208
Rechtbank Amsterdam
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- T.P.J. de Graaf
- Rechtspraak.nl
Vernietiging tijdelijk huisverbod wegens onvoldoende motivering en onzorgvuldige risicotaxatie
Op 7 januari 2010 legde de burgemeester van Hilversum een tijdelijk huisverbod op aan de man na een incident van vermeend huiselijk geweld. De man werd bevolen de woning te verlaten en contact met zijn vrouw en minderjarig kind te vermijden. De man stelde dat hij niet deugdelijk was gehoord en betwistte de gronden van het besluit, waaronder het ontbreken van bewijs voor geweldsincidenten en de onjuiste toepassing van het RiHG.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het besluit onvoldoende was gemotiveerd. De feiten in het RiHG waren niet concreet onderbouwd en het proces-verbaal gaf onvoldoende duidelijkheid over eerdere incidenten. De vermeende poging tot doodslag werd door de man gemotiveerd betwist en andere antecedenten ontbraken. Bovendien was het RiHG onzorgvuldig ingevuld, met onvolledige beantwoording van vragen en onjuiste risicobeoordelingen.
Gelet op deze tekortkomingen oordeelde de rechter dat het besluit niet kon standhouden wegens strijd met het motiveringsvereiste van artikel 3:46 Awb Pro. Het beroep werd gegrond verklaard, het huisverbod vernietigd en de proceskosten van €966 toegewezen aan de man. De rechter zag geen aanleiding voor een voorlopige voorziening, mede omdat de vrouw inmiddels de woning had verlaten.
Uitkomst: Het tijdelijk huisverbod wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering en onzorgvuldige toepassing van het Risicotaxatie-instrument Huiselijk Geweld.