ECLI:NL:RBAMS:2009:BL0518
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen niet tijdig beslissen en beoordeling aanvraag WWB en Bbz
Verzoekster diende op 21 juli 2009 een aanvraag in voor een uitkering op grond van de WWB en bedrijfskapitaal op grond van het Bbz 2004. Verweerder wees de aanvraag bij besluit van 2 september 2009 af wegens onleefbaarheid van het bedrijf. Verzoekster maakte bezwaar tegen dit besluit en tegen het niet tijdig beslissen op de aanvraag.
Verweerder verklaarde het bezwaar tegen het niet tijdig beslissen niet-ontvankelijk omdat reeds op de aanvraag was beslist. De rechtbank oordeelt dat het bezwaarschrift tegen het niet tijdig beslissen moet worden gezien als een ingebrekestelling en dat verweerder niet bevoegd was een besluit te nemen op dit bezwaar. Daarom wordt het besluit van 23 november 2009 vernietigd.
De rechtbank stelt vast dat met het besluit van 2 september 2009 al volledig op de aanvraag is beslist, ook op het onderdeel algemene bijstand. Daarom wordt het beroep tegen het niet tijdig beslissen ongegrond verklaard en het verzoek tot voorlopige voorziening afgewezen. Verweerder moet het griffierecht aan verzoekster vergoeden.
Uitkomst: Het bezwaar tegen het niet tijdig beslissen wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd, maar het beroep tegen het niet tijdig beslissen wordt ongegrond verklaard omdat reeds op de aanvraag is beslist.