ECLI:NL:RBAMS:2009:BK6580
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R.A.J. van der Linde
- Rechtspraak.nl
Voorwaardelijke ontbinding arbeidsovereenkomst wegens onaanvaardbare relatie met minderjarige leerlinge
Verweerder, docent economie op een gymnasium, is op staande voet ontslagen nadat hij een relatie had met een 17-jarige leerlinge van zijn klas. Ondanks waarschuwingen van de rector heeft hij contact onderhouden via e-mails, sms, chat en persoonlijke ontmoetingen, waaronder overnachtingen.
Verweerder betwist het ontslag en stelt dat er geen sprake was van seksuele contacten en dat het oordeel over de dringende reden aan de Commissie van Beroep Voortgezet Onderwijs toekomt. De rechtbank oordeelt echter dat het niet beoordelen van de dringende reden in deze procedure niet juist is en dat ook zonder seksueel contact het contact met de minderjarige leerlinge een dringende reden vormt.
De rechtbank stelt vast dat verweerder het vertrouwen van ouders, leerlingen en schoolleiding ernstig heeft geschonden door de relatie en het negeren van waarschuwingen. Dit maakt voortzetting van de arbeidsovereenkomst onaanvaardbaar. De arbeidsovereenkomst wordt daarom voorwaardelijk ontbonden met ingang van 11 december 2009, zonder vergoeding.
Partijen dragen ieder hun eigen proceskosten. Verweerder is tegen het ontslag op staande voet in beroep gegaan bij de Commissie van Beroep Voortgezet Onderwijs.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt voorwaardelijk ontbonden wegens ernstige vertrouwensbreuk door de relatie met een minderjarige leerlinge.