ECLI:NL:RBAMS:2009:BK3688
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging lease-overeenkomst wegens ontbreken schriftelijke toestemming echtgenote
De zaak betreft een lease-overeenkomst tussen [persoon 1] en Dexia, waarbij [persoon 1] als lessee stond vermeld. Dexia is rechtsopvolger van de oorspronkelijke leasemaatschappijen. [persoon 1] heeft diverse termijnbetalingen verricht, maar zijn echtgenote, [eiseres], heeft nooit schriftelijke toestemming gegeven voor het aangaan van de lease-overeenkomst zoals vereist onder artikel 1:88 BW Pro.
[eiseres] heeft de overeenkomst buitengerechtelijk vernietigd op grond van artikel 1:89 BW Pro. Dexia betwistte dit en stelde onder meer dat geen sprake was van huurkoop en dat het vernietigingsrecht was verjaard. De rechtbank oordeelde dat de lease-overeenkomst wel als huurkoop moest worden aangemerkt omdat [persoon 1] het genot van de aandelen droeg en recht had op dividend, en dat de schriftelijke toestemming van de echtgenote daarom vereist was.
De rechtbank verwierp het verjaringsverweer van Dexia, gelet op de omstandigheden waaronder [eiseres] pas in 2003 van de overeenkomst op de hoogte was. De vernietiging van de overeenkomst is daarmee rechtsgeldig. Dexia wordt veroordeeld tot terugbetaling van de betaalde termijnen minus ontvangen dividenden, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 26 oktober 2005. Tevens moet Dexia de BKR-registratie ongedaan maken en worden de proceskosten aan Dexia opgelegd.
Uitkomst: De lease-overeenkomst is vernietigd en Dexia moet € 4.436,85 plus rente aan [eiseres] terugbetalen.