ECLI:NL:RBAMS:2009:BK2691
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Toestemming overlevering opgeëiste persoon aan België ondanks lopend verzet
De rechtbank Amsterdam behandelde het verzoek tot overlevering van een Nederlandse verdachte aan België op grond van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) uitgevaardigd vanwege een veroordeling tot vier jaar gevangenisstraf door de Correctionele Rechtbank te Antwerpen. De verdachte had verzet aangetekend tegen het vonnis in België, en zijn raadsman verzocht de behandeling aan te houden tot het onherroepelijke vonnis beschikbaar zou zijn.
De rechtbank oordeelde dat het verzoek tot aanhouding van de procedure niet kan worden ingewilligd omdat de behandeling van het EAB-verzoek uitsluitend aan de criteria van de Overleveringswet (OLW) moet worden getoetst. De rechtbank stelde vast dat de strafbare feiten ook in Nederland strafbaar zijn, dat de Belgische autoriteiten garanties hebben gegeven voor de mogelijkheid van verzet en dat de terugkeergarantie voor de Nederlandse nationaliteit van de verdachte is gewaarborgd.
Hoewel het feit gedeeltelijk in Nederland is gepleegd, werd op grond van artikel 13 OLW Pro afgezien van de weigeringsgrond wegens goede rechtsbedeling. De persoonlijke omstandigheden van de verdachte en de wenselijkheid van berechting in Nederland werden niet als doorslaggevend gezien. De rechtbank besloot de overlevering toe te staan en wees het verzoek tot aanhouding af.
Uitkomst: De rechtbank Amsterdam staat de overlevering van de verdachte aan België toe en wijst het verzoek tot aanhouding af.