ECLI:NL:RBAMS:2009:BK1836
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.E.V. Lenos
- M.A. Vermeulen
- H.P.E. Has
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek tot geslachtsnaamwijziging voor minderjarige met dubbele nationaliteit
De ouders van twee dochters met zowel de Nederlandse als Poolse nationaliteit verzochten de rechtbank om de geslachtsnamen van hun dochters te wijzigen zodat beide dochters de vrouwelijke uitgang van de geslachtsnaam dragen, conform het Poolse recht en hun wens. De officier van justitie verzocht tot verbetering van de geboorteakte van de oudste dochter, waarbij de geslachtsnaam volgens Nederlands recht zou worden toegepast.
De rechtbank overwoog dat artikel 2 van Pro de Wet conflictenrecht namen (WCN) bepaalt dat Nederlands recht van toepassing is op personen met de Nederlandse nationaliteit, maar dat het Europese Hof van Justitie in het arrest Garcia Avello heeft geoordeeld dat lidstaten niet mogen weigeren een gunstig gevolg te geven aan verzoeken tot naamswijziging van minderjarige kinderen met dubbele nationaliteit, zodat zij de naam kunnen dragen die zij volgens het recht van de tweede lidstaat zouden dragen.
De rechtbank achtte artikel 3 WCN Pro in strijd met het EG-verdrag en vond dat het verzoek van de ouders tot wijziging van de geslachtsnaam van hun jongste dochter toewijsbaar was, om te voorkomen dat zij een onnodig kostbare en omslachtige procedure bij de minister van Justitie moesten volgen. Het verzoek van de officier van justitie werd afgewezen omdat het niet strookte met deze overwegingen.
De uitspraak benadrukt het belang van het respecteren van de identiteit van kinderen met dubbele nationaliteit en het voorkomen van praktische problemen door verscheidenheid van geslachtsnamen binnen één gezin. De rechtbank besloot zelf op het verzoek van de ouders, gelet op de rechtsbescherming en het Europese recht.
Uitkomst: Het verzoek van de ouders tot wijziging van de geslachtsnaam van hun dochter wordt toegewezen en het verzoek van de officier van justitie afgewezen.