ECLI:NL:RBAMS:2009:BK0990
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bruikbaarheid deskundigenrapport postwhiplash syndroom en beperkingen
In deze letselschadezaak staat de bruikbaarheid van het deskundigenrapport van neuroloog dr. B centraal, waarin postwhiplash klachten van eiseres [A] zijn vastgesteld, maar waarin wordt geconcludeerd dat er geen relevante functionele beperkingen zijn. De rechtbank volgt het rapport als uitgangspunt omdat het door partijen gezamenlijk is opgesteld en aan de gestelde vragen voldoet, tenzij zwaarwegende bezwaren worden aangetoond.
De klachten van [A], waaronder nekpijn, hoofdpijn, duizeligheid, vermoeidheid en emotionele disregulatie, worden door dr. B als ongevalsgevolg erkend. Echter, de conclusie dat deze klachten niet leiden tot beperkingen in dagelijks functioneren en beroepsuitoefening wordt door eiseres bestreden als onvoldoende gemotiveerd en ongerijmd ten opzichte van de vastgestelde klachten.
De rechtbank oordeelt dat het rapport voor niet-medisch geschoolden begrijpelijk moet zijn en dat de nadere uitleg over het ontbreken van beperkingen ontbreekt. Daarom beveelt zij aan dat dr. B zich nader uitlaat over de vraag waarom ondanks de klachten geen beperkingen worden vastgesteld en of dit voor de gehele periode sinds het ongeval geldt.
Partijen krijgen gelegenheid zich uit te laten over de aanvullende vraagstelling aan de deskundige, waarna de zaak zal worden voortgezet. De rechtbank houdt verdere beslissing aan tot nadere rapportage is ontvangen.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek af om het deskundigenrapport buiten beschouwing te laten en beveelt nadere toelichting door de deskundige.